Tweede verblijven
Wat?
Een tweede verblijf is elke private woongelegenheid waar diegene die er kan verblijven, niet is ingeschreven in het bevolkingsregister, vreemdelingenregister of wachtregister op dit adres. Het is dus een woning waar geen domicilie is gevestigd, dat kan zowel voor landhuizen, bungalows, appartementen, grote of kleine weekendhuizen en chalets.
Als tweede verblijf worden niet beschouwd:
- Lokaal of gebouw uitsluitend bestemd voor het uitoefenen van een beroepsactiviteit.
- Tenten en woonaanhangwagens.
- Verplaatsbare caravans, tenzij die ten minste zes maanden van het aanslagjaar opgesteld blijven om als woongelegenheid aangewend te worden
- Woningen die betrokken worden door natuurlijke personen waarvan het domicilieadres tijdelijk niet bewoonbaar is door verbouwingswerken. Deze toestand moet aangetoond worden met een stedenbouwkundige vergunning en geldt voor maximaal één jaar.
- Woningen die gebruikt worden voor beschermd en/of begeleid wonen.
- Woningen die werden opgenomen op de inventaris ongeschikt- en/of onbewoonbaarheid.
- Woningen die werden opgenomen in het leegstandsregister.
Aangifte
Elke eigenaar van een tweede verblijf is verplicht om jaarlijks vóór 1 april aangifte te doen bij de gemeente. Daarvoor vul je het digitale aangifteformulier in.
Zonder aangifte binnen de gestelde termijn of bij een onjuiste, onvolledige of onnauwkeurige aangifte, kan de belasting worden verhoogd met 120 euro. De volledige procedure is na te lezen in het belastingreglement op tweede verblijven.
Prijs
- De belasting op een tweede verblijf is vastgesteld op 1.250 euro.
- De betaaltermijn voor de belasting is binnen de twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.